Wanneer
u (nog) niet naar de cursus kunt of gewoon
om het geleerde thuis nog eens na te lezen
volgen hier een aantal leuke oefeningen en
handigheidjes.
Ze
zijn eenvoudig aan te leren en vergroten de
band tussen u, uw gezin en de hond.
Voor
vragen kun t u ons altijd bellen of mailen.
Veel
plezier ermee!
1)
"Kijk eens?"
Deze oefening
is de eerste basisoefening die alle honden moeten
leren. Het "kijk eens" is een toverwoordje die je
kunt gebruiken in velerlei situaties; als extra
motivatie bij het terugkomen, om specifiek aandacht
te vragen en om de hond net op tijd te behoeden voor
mogelijk gevaar.
Je hebt nodig
een bakje met een hele lekkere beloning (kleine
stukjes kaas, knakworst of kattenbrokjes). Zet
meerdere van deze bakjes op diverse plaatsen in het
huis (buiten bereik van de hond) zodat je de
beloning snel kunt pakken. Als de hond toevallig
naar je kijkt zeg je "kijk eens?" en je geeft direct
de lekkere beloning. Na een paar keer heeft de hond
al snel door dat het woordje "kijk eens" iets
lekkers oplevert.
Nu ga je "kijk
eens" zeggen als de hond met iets anders bezig is of
in een andere ruimte is. Dat oefen je net zolang tot
de hond heel vlot op het "kijk eens" reageert. De
hond moet u ook echt even aankijken alvorens de
beloning te geven.
Daarna maak je
het steeds moeilijker; de hond moet je langer
aankijken of de hond moet op "kijk eens" reageren
terwijl er veel afleiding is (bezoek of spelende
kinderen).
Pas als het
binnenshuis echt goed gaat kun je het ook buiten
oefenen. Eerst in de tuin met weinig afleiding en
later ook onderweg op de wandeling. Het is wel
raadzaam het woordje niet te misbruiken, niet te
vaak oefenen en niet plotseling stoppen met het
geven van beloningen. Het "kijk eens?" moet echt
heel speciaal blijven. Je kunt bijvoorbeeld ook eens
variëren in het soort beloning dat je geeft, als de
hond heel gek is op een balletje of flosstouw is het
weggooien daarvan ook een goede beloning.
Het "kijk eens"
kan heel handig zijn als de hond voorbij een andere
hond moet lopen of langs vreemde mensen waar hij
zich niet mee hoeft te bemoeien. Door op het juiste
moment "kijk eens?" te zeggen en die aandacht een
tijdje vast te houden heeft de hond alleen maar
aandacht voor het baasje!
Overigens kun
je op dezelfde manier ook de naam van je hond
oefenen. Eerst de naam van de hond op een vrolijke
toon zeggen, daarna het woordje "kijk eens?". Succes
verzekerd!
2)
Aanpakken voedsel
Als je gaat
trainen is het belangrijk dat de hond het
beloningsvoer rustig aanpakt. Het moet niet zo zijn
dat het voertje uit je hand gegrist wordt of dat je
vingers steeds beschadigd raken door de tanden van
de hond.
Houdt een
voertje in je handpalm vast met behulp van je duim.
Laat de hond aan het voertje ruiken maar geef het
hem niet. Als de hond wild tegen je hand aanduwt of
met zijn tanden of poten het voertje wil veroveren
maak je een stevige vuist. Pas als de hond rustig
afwacht en zijn kop iets naar achteren doet mag hij
het voertje aanpakken. Op deze manier leert hij heel
snel op een keurige, rustige manier een voertje aan
te pakken.
3)
Geschikte beloningsvoertjes
Beloningsvoertjes moeten heel speciaal zijn. Vooral
als je met de hond naar cursus gaat omdat daar de
afleiding veel groter is dan thuis. Hieronder volgen
een aantal geschikte en lekkere voertjes. Probeer
bij je hond uit wat hij het lekkerst vindt. Zorg
ervoor dat de stukjes heel klein zijn, de hond mag
niet te snel verzadigd raken van de beloning.
- blokjes kaas - blokjes ham - knakworst - kattenbrokjes (niet te veel) - kant en klare versnaperingen uit de dierenwinkel
(kies de zachte variant) - gekookte kipfilet
Een heerlijk recept waar praktisch elke hond goed
zijn best voor wil doen is: kook een schapen of
runderlever, snijdt deze in stukjes en bak de
stukjes lever in de oven af. Zo ontstaat er een
droge lever versnapering die heerlijk geurt.
4)
Het roep spelletje
Een heel leuk
spel die je thuis samen met familieleden of vrienden
kunt oefenen is het "roep spel". Met 2, 3 of meer
personen vorm je een kring, de hond bevindt zich in
het midden. Afhankelijk van de grootte van de hond
kun je gaan zitten of staan. Iedere persoon heeft
iets lekkers bij zich en om de beurt roept iemand de
hond. Je kunt met de oefening variëren door de hond
de ene keer als hij komt te laten zitten, dan weer
laten liggen of staan of pootje geven bijvoorbeeld.
Als de hond de oefening goed beheerst dan kun je het
nog moeilijker maken door de hond, net voordat hij
bij een persoon aankomt terug te roepen. Het zal aan
het enthousiasme van die persoon liggen of de hond
ook daadwerkelijk stopt en omkeert.
Een hele leuke
oefening om met kinderen samen te doen. Let er wel
op dat het geen geschreeuw over en weer wordt en dat
de hond niet oververmoeid raakt.
5)
Geschikt speelgoed
Op de cursus
zelf zien we liever geen "piepspeeltjes" omdat deze
andere honden, die geen piepspeeltjes hebben, te
veel afleiden. Tevens bestaat het gevaar met
piepbeestjes dat de hond een soort "roofdierachtige"
houding krijgt met deze speeltjes. Het piepen en het
"doden" van de prooi (meestal de vernietiging van de
piep - slopen van het piepmechanisme en het hele
beestje) geeft de hond een enorme kick.
Speeltjes om
samen met volwassenen en kinderen te spelen zijn bij
voorkeur niet te klein, we moeten het speeltje goed
vast kunnen houden maar ook weer niet te groot voor
de bek van de hond. Bij voorkeur makkelijk mee te
nemen in de jaszak en een beetje slijtvast.
Onderstaande
speeltjes zijn heel geschikt;
- een lange
oude sok of kniekous, opgevuld met ander oude
sokken en dan een knoop erin leggen
- een tennisbal in een oude sok of kniekous met
een knoop erin
- een bal aan een touw
- een Kong aan een touw
- een flosstouw
- een oude sok of kniekous gevuld met voertjes
(voor honden die moeilijk tot spelen aan te
zetten zijn)
Een goede tip
om honden aan het spelen te krijgen; probeer niet
het speeltje in het gezicht van de hond te duwen ...
je hebt veel meer succes als je het speeltje
(desnoods aan een lang touwtje) van de hond
wegsleept over de grond. Het wegrennende speeltje
wekt de drang tot achtervolging op, geen enkele hond
kan dit weerstaan. Daarom zijn speeltjes aan een
touw of een lange sok zo handig, je kunt ze wat meer
slepen en de pup zit niet direct met zijn scherpe
tandjes in je handen.
Leer de hond
direct goede speelmanieren; eerst lekker spelen en
trekken, dan je handen stil houden en het commando
"los" geven (honden die moeilijk los willen laten
een voertje voor de neus houden of ruilen met een
ander speeltje), het aanleren om te "wachten" als je
het speeltje weggooit, de aanmoediging om het te
gaan halen (apport of geef). Spelen doe je samen,
houd het "trainingsspeeltje" apart van de andere
speeltjes thuis, zorg dat de hond heel erg op dat
speeltje gefocust raakt, het is dan een heerlijk
hulpmiddel bij het terugroepen of bij het afleiden
van de hond tijdens de wandelingen als er mensen,
honden of andere dieren of situaties "genegeerd"
moeten worden.
6)
Op je plaats of in de mand gaan
Een hele leuke
en eenvoudige oefening, vooral als je hem met de
clicker aanleert. In onderstaand filmpje heb ik onze
Jack Russell "Lyra" in 15 minuten geleerd wat de
bedoeling was. Op de cursus zullen we hier ook
aandacht aan besteden. Veel kijkplezier!