De aanschaf van een hond
(bron:
www.hondenbescherming.nl )
Wanneer u
bij ons aanklopt voor een cursus heeft u natuurlijk
al een hond. Maar voor diegenen die de aanschaf van
een hond nog overwegen of als je een 2e hond
of een nieuwe hond wilt aanschaffen volgen hier een
aantal goede tips!
Het
overzichtje van de rasgroepen (onderaan) geeft je een indruk in
welke groep jouw hond valt en welke
karaktereigenschappen daarbij horen.
Aandachtspunten bij de aanschaf
Als u een pup koopt moet deze (wettelijk!) ouder
zijn dan zeven weken. Voor die leeftijd mogen pups
niet van hun moeder gescheiden worden. De meest
gebruikelijke leeftijd om een pup te kopen is zeven
à acht weken. Sommige goede fokkers houden de pup
echter wat langer om zelf nog een gedeelte van de
socialisatie en het zindelijkheidsproces op zich te
kunnen nemen. Wordt u een wat oudere pup aangeboden,
vergewis u er dan van dat de fokker hier inderdaad
veel zorg en aandacht aan heeft besteed.
De fokker van uw pup, verkoopt u niet achteloos een
pup. U mag er op bezoek komen en ziet dan de moeder
bij de pups. Een moederhond voedt haar pups op. Ze
is niet constant bij de pups aanwezig, maar zal wel
regelmatig contact met hen moeten hebben om hen op
te voeden. De pups groeien op in een huiselijke
omgeving, zodat ze aan het dagelijks leven en alles
wat er bij hoort kunnen wennen. Een goede fokker
stelt u vragen. Heeft u nagedacht over het hebben
van een hond en over uw keuze voor specifiek deze
hond? Een goede fokker zal nooit zomaar een pup bij
u aan huis afleveren. Als u de pups ziet, zijn deze
gezond en alert. Diarree, uitvloeisel uit ogen, oren
en neus zijn niet normaal. Tenzij ze slapen zijn
pups alert en actief, nooit sloom.
Rashond
Laat u informeren over het ras en over goede
fokadressen door de rasvereniging van het
betreffende ras. U kunt de contactgegevens vinden
via de overkoepelende rashondenorganisatie, de 'Raad
van Beheer' genoemd. (
www.raadvanbeheer.nl )
Rasloos/kruising
Wilt u wel een pup maar hoeft die niet van een
speciaal ras te zijn dan wordt het lastiger omdat er
hoegenaamd geen betrouwbare fokkers zijn die rasloze
honden fokken. Soms kan uw dierenarts of dierenasiel
u informeren over een nestje in de buurt. Vergewist
u zich ervan dat de fokker de pups een goede start
heeft gegeven en bedenk of de eigenschappen van (de
ouders van) de pup zijn wat u in een hond wilt zien.
Grote fokkers en handelaren
Helaas zijn er fokkers die honden fokken op een
wijze die niet verantwoord is en het welzijn van de
betrokken honden schaadt. U herkent deze fokkers
doordat er veel diverse rassen of types honden
(boomerhondjes bijvoorbeeld) verkocht worden en er
pups 'op voorraad' zijn. De pups zitten vaak in
schuren (of worden voor de verkoop even kort in huis
gehaald), de moederhond is niet aanwezig (of een
andere hond gaat 'door' voor moederhond). Pups
worden soms thuis afgeleverd en vaak liggen de
prijzen lager dan bij kleinschalige fokkers. Veel
van deze grote fokkers verkopen hun honden via
internet en dierenwinkels. Koop hier nooit uw pup!
De kans is groot dat u een zieke of
gedragsafwijkende pup krijgt en bovendien houdt u op
deze wijze een industrie in stand die tot veel
dierenleed leidt.
Dierenwinkel
In sommige dierenwinkels zijn ook honden/pups te
koop. Vaak zijn deze honden afkomstig van of de
grote fokkers of de handelaren die hierboven staan
beschreven.
De Hondenbescherming raadt u met klem aan om een
hond te kopen op een adres waar de pups samen met de
moeder in een huiselijke omgeving worden
grootgebracht. U mag de moeder en haar pups en hun
leefomgeving zien. De pups zijn fit, levendig, zien
er gezond uit en ook hun leefruimte is schoon en
ruikt fris. De honden zijn blij met uw bezoek en
begroeten ook de fokker enthousiast. De fokker is
geïnteresseerd in u en uw leefsituatie en geeft de
pups niet eerder mee dan dat zij zeven weken oud
zijn. De hondjes zijn dan ontwormd en gechipt en
minimaal één keer ingeënt tegen besmettelijke
ziekten.
Volwassen honden
Volwassen honden zijn minder bewerkelijk dan pups.
Ze zijn meestal zindelijk en zijn soms al bekend met
algemene huisregels. U weet hoe ze eruit zien. Wat
hun sterke en zwakke punten zijn, is meestal bekend
of wordt snel duidelijk. Bovendien zijn de wilde
'jonge honden' haren er vanaf. Hoe vindt u een
volwassen hond?
Asiel
In de Nederlandse asielen zitten veel honden die op
zoek zijn naar een nieuwe eigenaar. Er zitten zowel
honden met probleemgevend gedrag als honden die
volkomen probleemloos zijn en vanwege gewijzigde
woonomstandigheden van de vorige eigenaar (scheiding
bijvoorbeeld) in het asiel terecht zijn gekomen. Op
de website
www.dierenasiels.com kunt u Nederlandse en
Belgische asielhonden bekijken en ook selecteren op
bepaalde gedragskenmerken.
Rasvereniging
Een groot aantal rasverenigingen heeft een
herplaatslijst met daarop honden van dat ras die op
zoek zijn naar een nieuw adres. Informeer daarnaar
als u een volwassen (ras)hond zoekt. De
rasverenigingen kunt u vinden via:
www.raadvanbeheer.nl .
Herplaatsingorganisaties
Behalve via asielen en rasverenigingen worden honden
ook wel bemiddeld via herplaatsingorganisaties.
Meestal wachten de honden thuis of bij een gastgezin
op een nieuwe eigenaar. Zodoende is vaak veel bekend
over het gedrag van de hond.
www.shhh.nl
is een van deze organisaties.
(Zwerf)honden uit andere landen
De laatste jaren zijn er steeds meer organisaties
opgericht die zich toeleggen op het plaatsen van
honden uit andere (Europese) landen bij eigenaars in
Nederland. Vaak gaat het om volwassen honden, soms
om pups. Er zijn organisaties die met goede wil en
verstand van zaken honden onder voorwaarden naar
Nederland halen maar er zijn er ook die puur uit
winstbejag (of met eerbare motieven, maar
onvoldoende kennis) buitenlandse honden in Nederland
verkopen.
De Hondenbescherming is van mening dat het naar
Nederland halen van honden geen oplossing is voor de
problemen in veel landen. Zij ziet liever dat er ter
plaatste voorlichting en educatie wordt verzorgd om
de omgang met de honden in het betreffende land te
verbeteren. Verder is zij een voorstander van
castratieprojecten. Hierdoor worden veel meer honden
geholpen en wordt de problematiek op de lange
termijn opgelost.
Honden die naar Nederland gehaald worden, kunnen
fantastische kameraden worden. Helaas zien wij
echter te vaak dat honden in onze drukke Nederlandse
maatschappij onvoldoende aarden. Ze zijn angstig,
angstig-agressief, lopen steeds weg omdat ze gewend
zijn te zwerven en zijn soms fervente jagers.
Regelmatig ook komen honden ziek naar Nederland, wat
voor de nieuwe eigenaar een flinke belasting kan
zijn en soms zeer verdrietig eindigt.
Wilt u een (zwerf)hond uit een ander land adopteren?
Kies dan een voor een herplaatsingorganisatie die
ter plaatse de problematiek aanpakt en maak uw keuze
voor de betreffende hond weloverwogen en zorgvuldig.
Particulier
Soms willen eigenaren zonder tussenkomst van een
derde hun hond plaatsen bij een nieuwe baas. Vaak
proberen ze dat in eigen kennissen- en familiekring
maar het lukt niet altijd via bestaande contacten om
de hond op een goede nieuwe plek te krijgen. Dan
wordt de hond bijvoorbeeld via internet aangeboden.
Ziet u hier een hond die u wat lijkt, zorg dan
altijd voor een kennismaking met de hond in zijn
huidige omgeving. Vraag de eigenaar zoveel als u
wilt weten en vraag bedenktijd aan. Neem de hond
nooit direct mee en maak vooraf duidelijke
-schriftelijke!- afspraken over de overdracht en
over wat er gebeurt mocht de hond toch niet passen
in uw eigen omgeving.

Rasgroepen
1) Herdershonden en veedrijvers (zoals de
Briard, Duitse Herder, Mechelse herder, Schapendoes)
Herdershonden zijn middelgrote tot grote honden met
een lijf dat erg lijkt op het lichaam van een wolf.
De vacht is meestal beschermend tegen
weersinvloeden. Deze honden hebben vaak staande oren
en een spitse driehoekige snuit. Herdershonden zijn
gericht op hun eigen groep. Dit kunnen mensen,
honden maar ook andere dieren zijn, als deze bij de
groep horen. Ze zijn groeps- en territoriumgericht,
reageren vaak sterk op dingen die om hen heen
gebeuren en zijn altijd in voor actie.
Voordelen: het zijn honden die graag en gemakkelijk
leren. Ze blijven vaak dichtbij de eigen groep en
hebben daardoor minder de neiging om weg te lopen.
Sport en spel vinden deze honden vaak fantastisch.
Een actief leven is hen op het lijf geschreven.
Nadelen: het zijn honden die gemaakt zijn voor
actie, krijgen ze dit onvoldoende, dan gaan ze vaak
zélf op zoek naar actie. Dat kan vorm krijgen door
bijvoorbeeld het najagen van mensen of fietsers.
Onbekende mensen en honden zijn niet automatisch
vrienden van deze honden. Vanuit waaksheid en
beschermdrift wil hij deze soms verjagen uit zijn
territorium en bij zijn groep vandaan.
2)Pinschers, schnauzers, molossers, Zwitserse
sennenhonden
Pinschers en
schnauzers (zoals de Dwergschnauzer, Duitse Pinscher)
Deze honden hebben pezig gespierde en lenige lijven.
De pinschers zijn kortharig en de schnauzers
ruwharig. De meeste pinschers en schnauzers zijn
actief, alert en fel van aard.
Voordelen: meestal blijven ze dichtbij haard en
huis, ze zijn er in groot (70 cm schofthoogte) en
heel klein (30 cm. schofthoogte) formaat. Ze zijn
attent op hun omgeving en hen zal weinig ontgaan.
Leren gaat hen goed af (en dat geldt voor gewenst en
minder gewenst gedrag, maar ze kiezen vaak zelf of
iets wel of niet de moeite (van het leren) waard is.
Nadelen: het waakinstinct en hun wakkere natuur kan
ze nerveus en blafferig maken. Het zijn geen
hartelijke familiehonden, met andere mensen dan hun
baas hebben ze vaak minder op.
Molossers (zoals Bordeaux Dog, Newfoundlander) en
Zwitserse Sennenhonden
Molossers zijn zwaarder gebouwde honden, meestal met
een dichte vacht, een groot hoofd met korte snuit.
Ook deze honden zijn bijzonder aan hun groep gehecht
zijn. Ze hebben graag een terrein tot hun
beschikking om over te waken. Het zijn over het
algemeen minder actieve honden, die minder geschikt
zijn voor lange wandelingen of fietstochten. Ze zijn
niet makkelijk van hun stuk te brengen en meestal
rustig in huis. Waakzaamheid en zelfstandigheid zit
in hun aard.
Voordelen: een Molosser is over het algemeen rustig
en zal je niet voor de voeten lopen. Dagelijkse
lange wandelingen zijn minder nodig en ook is het
niet nodig de hond voortdurend bezig te houden. Het
zijn prima waakhonden met een krachtige preventieve
werking.
Nadelen: iemand die buitengewoon actief wil zijn met
zijn hond, kiest met een dogachtige een verkeerde
hond. Daarnaast zijn het sterke honden met een eigen
wil, die niet altijd makkelijk zijn te hanteren.
Niet alle Molossers kunnen op volwassen leeftijd
goed om gaan met soortgenoten van de eigen sexe en
ook tegen mensen die niet bij hun groep horen kunnen
ze zich afstandelijk tot waakzaam opstellen.
3)Terriërs (zoals Jack Russell, West Highland
White terrier)
Ook terriërs heb je in diverse groottes en kleuren.
Het zijn taaie, vasthoudende dieren en tot op zeer
hoge leeftijd speels en actief. Ze zijn ruwharig of
kortharig. De ruwharigen hebben geregeld een
trimbeurt nodig. Ze zijn van nature minder geschikt
om rustig samen te leven met andere, kleine
huisdieren. Daarvoor is hun oorspronkelijke
jachtinstinct nog te sterk aanwezig. Ook naar andere
honden is de terriër niet altijd even tolerant.
Voordelen: met een Terriër haal je een hele
persoonlijkheid in huis. Je zult je niet snel
vervelen. Het zijn doenerige honden die alles willen
meebeleven, altijd in voor een spelletje.
Nadelen: Terriërs zullen zelden een stap opzij
zetten als iemand ze dwars zit. Van nature hebben ze
de neiging om het gevecht aan te gaan, zowel met
honden als met mensen. Als eigenaar moet je je dus
consequent en zelfverzekerd kunnen opstellen.
Verveling ligt bij deze honden snel op de loer en
dat kan leiden tot een scala aan vervelende hobby's,
zoals het aanblaffen van passanten of het graven van
gaten in de tuin.
4) Dashonden
Tot de Dashonden behoren alleen de Teckels. Teckels
zijn honden met korte pootjes en lange ruggen. Er
zijn langharige, ruwharige en kortharige teckels in
verschillende groottes en kleuren. Teckels zijn
eigengereide en zelfbewuste dieren die graag hun
neus achterna en op jacht gaan.
Voordelen: het zijn grote honden in zakformaat. Met
een teckel haal je veel hond in huis, ook al is hij
klein van stuk. Hun aanpassingsvermogen is vrij
groot, een groot of klein huis, regelmatig wat
kortere of langere wandelingen, het kan allemaal.
Nadelen: de relatief lange rug van de teckel maakt
hem gevoelig voor rugproblemen. Blaffen is de teckel
eigen: blaffen uit waaksheid, maar ook blaffen uit
opwinding is een teckel meestal niet vreemd. Hun
onverschrokken aard (in combinatie met hun
kwetsbaarheid) kan tot problemen leiden met andere
honden.
5) Spitsen en Oertypen (zoals Alaskan
Malamute, Siberische Husky maar ook Mexicaanse en
Peruaanse naakthond)
Veel van de honden in deze groep, doen aan wolven
denken door hun dichte uitstaande vacht en hun
rechtopstaande oren. Hun lijven zijn vaak net zo
krachtig als hun karakter. Levenslust en pittigheid
omschrijven deze honden goed. Veel van de rassen
tonen nog een hoge mate van natuurlijk gedrag, zoals
jachtgedrag. Er vallen echter ook andere oertypen in
de rasgroep, zoals de naakthonden.
Voordelen: voor de sportieve eigenaar zijn dit de
honden die onvermoeibaar mee kunnen op pad. Hun
gehardheid maakt het buitenleven makkelijk voor ze.
Hun natuurlijk gedrag is vaak een lust om te
observeren. De naakthonden zijn hierin uiteraard
anders en hebben vaak een aanhankelijk karakter.
Nadelen: een aantal rassen uit deze groep heeft veel
jachtinstinct en is niet te beroerd om prooidieren
ook echt te doden (katten, schapen, kippen). Een
hond uit deze rasgroep is meestal niet wars van een
ommetje en zijn intelligentie maakt dat weinig
constructies hem binnenhouden. Trekken aan de lijn
is voor de meeste trekhonden een even grote hobby
wanneer ze voor een slede staan als wanneer ze met
een eigenaar op pad gaan. Bij de naakthonden kan de
verzorging van de huid een flinke klus zijn!
Jachthonden; de grootste hobby van veel jachthonden
is het achterna gaan van hun neus. Een jachthond
loopt niet weg. Hij loopt ergens achteraan. Een
geurspoor, een wildspoor en weg is de hond. Voor de
actieve rassen kan hun bewegingsbehoefte soms groter
zijn dan die van de eigenaar en water, ook vies
water, is voor veel van deze honden niet veilig. De
modder nemen ze vervolgens graag mee naar huis. De
jachthonden worden verdeeld in drie rasgroepen:
6) Lopende honden, zweethonden en verwante rassen
(zoals Basset, Beagle, Pronkrug, Dalmatiner)
De Lopende honden en zweethonden worden ook wel
brakken genoemd. Brakken jagen op de neus onder luid
blaffen en janken. Zijn allen bijzonder spoorvast en
speuren op wild, huisdieren en mensen. De verwante
rassen zoals de Rhodesian Ridgeback en Dalmatische
hond, bezitten deze typische brakkeneigenschappen in
mindere mate.
Voordelen:
Omdat brakken in meutes werden gehouden, zijn ze van
nature verdraagzaam voor mensen en dieren.
Nadelen: Moeilijk in wildrijk gebied, ontembare
drang tot spoor volgen, weinig will to please,
zelden probleemgedrag.
7) Staande honden (zoals Duitse Staande,
Drentse Patrijs, Heidewachtel, Friese Stabij)
De Staande Hond wijst de jager het wild aan door er
roerloos voor te blijven staan. De Staande Honden
kunnen ook het wild apporteren.
Voordelen: Deze honden zijn aanhankelijk, vrolijk en
gezellig, energiek, werklustig en veel will to
please.
Nadelen: Zeer grote jachtpassie; revieren =
uitkammen van jachtgebied. Op tijd in goede banen
leiden van jachtpassie.
8) Retrievers Spaniëls en waterhonden (zoals
Labrador, Golden Retriever, Cocker Spaniel,
Wetterhoun, Kooikerhondje)
De Retrievers zijn gefokt voor het apporteren van
wild. De opstotende honden worden ingezet om het
wild 'op te stoten' voor de jager (Spaniël). In
Nederland werd het Kooikerhondje gefokt voor de
jacht op eenden (lokhond). De waterhonden werden
specifiek ingezet om wild uit water te apporteren.
Voordelen: Zeer aanhankelijk, vrolijk, mensgericht,
intelligent, zeer grote will to please, eenvoudig op
te voeden, ook door minder kundige bazen.
Nadelen: Een zeer grote jachtlust die problemen kan
geven; zenuwachtige snuffelaar of zelfstandig op
jacht gaan. Veel fysieke erfelijke problemen alsook
karakterproblemen, bijvoorbeeld te slaafs gedrag.
9) Gezelschapshonden (zoals Maltezer, Shih
Tzu, Vlinderhond, Chihuahua)
Gezelschapshonden zijn, zoals het woord al zegt,
gesteld op gezelschap. Vaak zijn dit kleine, sterk
behaarde honden die zeer veel vachtverzorging nodig
hebben. Geringe afmetingen kunnen hen kwetsbaar
maken. Vergis u echter niet, een gezelschapshond
hoeft geen doetje te zijn! Er zitten soms pittige
karakters bij en sportievelingen zijn er ook tussen
te vinden.
Voordelen: gericht op en graag bij mensen. Over het
algemeen is hun behoefte aan activiteit niet
overmatig groot.
Nadelen: lang alleen zijn past niet bij deze honden.
Vaak hebben ze bijzonder intensieve vachtverzorging
nodig, dit kost tijd en geld. Omdat de meeste
gezelschapshonden van oorsprong ook een waakfunctie
hadden, blaffen ze meestal graag en veel. Veel
oorspronkelijk hondengedrag is verloren gegaan,
problemen met het ontmoeten van honden uit andere
rasgroepen; door slechte socialisatie of verwennen
worden ze vaak als prooi gezien.
10) Windhonden (zoals Deerhound, Greyhound,
Whippet)
Windhonden zijn gemaakt op hun snelheid. Meestal
zijn het mensvriendelijke, zachtaardige honden die
rustig zijn in huis en een grote voorkeur hebben
voor een warme, comfortabele ligplek. Buiten ziet u
de andere kant van de windhond. Rennen, heel hard
rennen is waar ze goed in zijn. Daarbij laten ze
zich graag leiden door hun jachtdrift. Wanneer ze
zich op een prooi gericht hebben, zijn ze vaak
nauwelijks nog te bereiken door bijvoorbeeld roepen.
Het grote verschil met de (andere) jachthonden is
dat de windhonden op zicht jagen en meer reageren op
wat ze zien, dan op wat ze ruiken.
Voordelen: kalm gezelschap in huis, spectaculair
renvermogen, stelt zich zachtmoedig op naar mensen
en kinderen en blaft weinig tot niet.
Nadelen: neiging tot zichtjagen kan risico opleveren
voor de hond en zijn omgeving. Wettelijk is het
verboden voor deze 'lange' honden om los te lopen en
soms is een hond van dit ras erg op zichzelf.
[naar
boven]